Medelijden met Maxime

Het begon allemaal in 2010 met een campagne van het CDA getiteld ‘Handen af van de stufi’. Het CDA dacht toen dat het afschaffen van de studiefinanciering op lange termijn meer kost dan het oplevert. Ook nu nog is dat het standpunt van het CDA.

Maar iedereen weet: regeren is compromissen sluiten. Het CDA wisselde de studiefinanciering in, in ruil voor een langstudeerboete. Maxime Verhagen werd aan het einde van de onderhandelingen benoemd tot Minister van Economische Zaken, Landbouw en, niet geheel onbelangrijk, Innovatie. Hij moet er voor zorgen dat Nederland weer in de top 5 kenniseconomieën terecht komt. Een taak waarvoor alles op alles moet worden gezet. Al snel wordt duidelijk dat het grootste probleem het tekort aan bètatechnici is. Het aantal techniekstudenten moet verdubbelen willen we niet achterop raken.

Terwijl Maxime Verhagen er zijn best voor doet dit te bereiken door bijvoorbeeld het topsectorenbeleid en het Platform Bèta Techniek is zijn collega bij het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap met het tegenovergestelde bezig. Staatssecretaris Zijlstra is begonnen met het invoeren van een langstudeerboete. Meteen is duidelijk dat vooral technische studenten de dupe zijn van die boete. Als je 40 uur per week aan je studie zit en alsnog gemiddeld 7,2 jaar over je ingenieursopleiding doet, is de kans op een boete wel erg groot. De langstudeerboete kan beter een ‘zware studie’-boete worden genoemd.

Halverwege januari, amper twee weken nadat Yacht bekend maakt dat de vraag naar technici in het laatste kwartaal van 2011 enorm is gestegen en spreekt over een kenniscrisis, stuurt Halbe Zijlstra het voorstel voor het afschaffen van de masterstudiefinanciering naar de Tweede Kamer. Beta en technische masters duren twee keer langer dan andere studies. Door het wetsvoorstel bouwen bètatechnici dus een twee keer zo hoge studieschuld op. Nog een reden, naast het lage startsalaris en de langstudeerboete, om maar geen ingenieur te worden. Dat dit evident is, blijkt wel uit het feit dat vrijwel alle betrokken organisaties, van VNO-NCW tot ISO de noodklok hebben geluid over de “volstrekt contraproductieve effecten”.

Dit actieve bèta-ontmoedigingsbeleid moet Maxime Verhagen toch pijn doen. Hij zet zich in voor de kenniseconomie, maar door zijn collega bij OC&W is het vechten tegen de bierkaai. De bedrijven, die ons land weer bij de top 5 moeten trekken, zoals ASML, moeten zelfs in de media het kabinet erop wijzen dat dit niet gaat werken. En Maxime, die zit met handen en voeten gebonden aan het regeerakkoord. Wat moet het frustrerend zijn om als minister je ambities niet waar te kunnen maken omdat je collega contraproductief beleid aan het maken is en je er niks van mag zeggen. Ik heb medelijden met Maxime.

Wouter Verbeek is student Systems & Control aan de TU Delft en vicevoorzitter van de Vereniging voor Studie- & Studentenbelangen te Delft

Dit artikel verscheen op 13 maart 2012 op Nationale Onderwijsgids.nl.

Reacties zijn gesloten.