Kamer dreigt weer bolwerk alfamannetjes te worden

Op de kandidatenlijsten voor de Tweede-Kamerverkiezingen staan bijzonder weinig bèta’s, tussen de 5% en 10% van de kandidaten, op een verkiesbare plaats. Bij de VVD bijvoorbeeld komen we de eerste bèta tegen op plaats 22 (Daniel Koerhuis, een econometrist). Bij andere partijen is het niet veel beter. In totaal staan er minder dan 15 bèta’s op een verkiesbare plaats. Zelfs als iedereen op een bèta stemt van zijn favoriete partij, is de Tweede Kamer straks een bolwerk van alfamannetjes.

Het gebrek aan bèta’s zal leiden tot een gebrek aan bètatechnische kennis in Den Haag. Juist nu is die kennis enorm belangrijk. Wie gaat er straks beslissingen nemen over artificial intelligence, robotisering, quantumcomputers, de block chain, de energietransitie, elektrisch rijden, big data en cybercrime? Allemaal urgente maatschappelijke thema’s, waarbij het doorgronden van de technologische ontwikkelingen van essentieel belang is.

De laatste tijd is er veel opgeroepen om op een vrouw te stemmen, maar wij vinden het van belang om terug te gaan naar de inhoud, naar de kennis en kunde van de kandidaat. Voor het nemen van verstandige beslissingen lijkt het tekort aan bèta’s dan ook een groter probleem dan het gebrek aan vrouwen op de lijst. Maar net als vrouwen, zijn ook bèta’s lastig te motiveren de politiek in te gaan en dat heeft een zichzelf versterkend effect.

Wij zien dat in onze omgeving. Bèta’s zoeken graag de nuance. Ze beoordelen een voorstel niet vanuit de ideologie, maar liever onbevooroordeeld. Bèta’s spreken letterlijk een andere taal en die wordt vaak niet verstaan. Zo had de natuurkundige en oud-minister Jan Terlouw het idee dat zijn rationele blik door collegae eerder als hinderlijk dan als nuttig werd ervaren. Tot slot hebben bèta’s een hekel aan politici die ‘zwammen’ over onderwerpen waar ze geen verstand van hebben. Dat gebrek aan kennis van politici over bètatechnische onderwerpen, is de belangrijkste reden om niet de politiek in te gaan.

Het wordt tijd dat de maatschappij inziet dat de bèta op de juiste plek zit op een zetel van de Tweede Kamer. Er kunnen alleen verstandige beslissingen worden genomen wanneer er een verbinding ontstaat tussen de mensgerichte blik van de alfa’s en gamma’s en de analytische blik van de bèta’s.

Om dat te bewerkstelligen, roepen we stemmers op om te stemmen op een bèta. De bèta’s zelf moeten de politiek ingaan om de kwaliteit van de beslissingen te verbeteren. En tot slot een advies aan aankomende politici: als je ergens geen verstand van hebt, houd dan je mond.

Wouter Verbeek studeerde aan de EUR en de TU Delft en maakt onderdeel uit van Route 66, talentprogramma van D66. Marleen van de Kerkhof studeert aan de TU Delft en is actief in de VVD.

Dit artikel werd op 9 maart 2017 gepubliceerd in het Financieel Dagblad.

Reacties zijn gesloten.